Confetti op de rode loper

Dat de lettertjes zo klein zijn is wel grappig, maar maakt het manoeuvreren niet eenvoudig. Dat ze naar suiker ruiken stuurde mijn associaties. Uiteindelijk bepaalde dat de context die mijn letters kregen: een bakplaat met een grote sinaasappel in de hoek, zoet en fel van kleur. Ik ploeterde aan mijn confettigedicht.

Die sinaasappel op de bakplaat kwam mee van de dag daarvoor: ik luisterde naar De zon en de Wereld – een gedicht op cd van Arjen Duinker, ooit bekroond met de VSB-poëzieprijs. Daarin staat onder meer de regel Sinaasappels zijn krankzinnig – en heel veel andere mooie en repeterende en veranderende regels. Het is een gedicht voor twee stemmen, uitgevoerd door Arjen Duinker en Kees ’t Hart. Het is een gedicht waar ik al werkende naar kan luisteren, en dat daarna door mijn hoofd zingt, dagenlang. Een gedicht dat mij stuurde in het ritme en het beeld dat in mijn confettigedicht ontstond.

Die beïnvloeding door klanken en door beelden gaat aanstaande donderdag ook ontstaan – hopen wij van Huis van Gedichten. Samen met het Diamant Theater hebben we een mooi programma voor Gedichtendag. Met gesproken gedichten, gezongen gedichten en verbeelde (confetti)gedichten die leiden tot nieuwe confettipoëzie en andere gedichten. Lachen, spelen, woorden die over elkaar heenrollen – met elkaar plezier beleven aan taal.
Zoals bijvoorbeeld in dit gedicht van Dóra Benyó:

Confettigedicht van Dóra Benyó
Confettigedicht van Dóra Benyó

Over als het glad is of er ligt sneeuw

Het was al weer een tijdje geleden dat ik bericht uit Ottawa ontving. Of eigenlijk niet uit Ottawa, maar van een eindje noordelijker. Louise schreef dat Ottawa moeilijker bereikbaar wordt, de komende tijd. Ze schrijft over winter en over als het glad is of er ligt sneeuw, en over autorijden. Ze wil onze Jas van Taal naar Ottawa halen, naar het Ottawa Inuit Childrens Centre.

Louise komt uit Scheveningen, is in Canada betrokken ( zij zou zeggen involved) bij inspanningen om de Inuit-cultuur te behouden door die over te dragen aan nieuwe generaties. Bijvoorbeeld aan haar jongste kleinkind van net twee maanden oud. Toen ze  eerder dit jaar naar Canada terugging vertelde ze spijtig dat geen van haar kleinkinderen meer in de leeftijd viel om nog naar het kindercentrum te mogen gaan. Dat is dus opgelost.

Het Ottawa Inuit Childrens Centre biedt kinderen een uitgebreid tweetalig programma. Ik zag foto’s van hoe de Engelse taal en het Inuktitut hand in hand gaan. Dat onze Jas van Taal daar een mooie plek zou kunnen innemen snap ik. Kinderen uitdagen om niet één maar twee talen op een speelse manier tot zich te nemen – dat is een prachtig werkdoel.

Wikepedia zegt dat er zo’n 30.000 Inuktitut-sprekers zijn. Louise is er daar één van, en kennelijk is ze van deze taal gaan houden. Liefde voor taal kruipt als bloed, en taal gaat hand in hand met andere aspecten van een (al dan niet heersende) cultuur.  Daarover gaat het Ottawa Childrens Centre, en daarover gaat onze Jas van Taal. Binnenkort meer over de Jas. En vandaag geen gedicht, maar een beeld van een festival. Met kinderen & met de Jas:

 

 

Jonge woorden op hoge leeftijd weer jong

Mevrouw van Beusekom schrijft zeer geconcentreerd aan een vers gedicht bij haar bezoek aan een poëziefeestje – dat is te zien op bovenstaande facebookpagina.

Veel ouderen doen dat in ons project Uit de eerste hand, vol aandacht aan nieuwe gedichten werken.  We trekken door de stad: langs verzorgingscentra, wijk- en dienstencentra, verpleeghuizen en dagopvangcentra.  Ouderen weten herinneringen om te zetten naar gedichten. Gedichten die het vervolgens mogelijk maken om de beleving die in het hart van die herinnering staat te delen, uit te wisselen, te bewaren.

Later meer over de gedichten die voortkomen uit die workshops en cursussen.  Maar, nadat  hiervoor veel materiaal van kinderen passeerde, vandaag wil ik even het spectrum verbreden. Wil ik vooral ook vertellen hoe het komt dat binnen Huis van Gedichten zich bij kinderen en ouderen een cirkel sluit.

Wij starten met poëzie-educatie bij 2-jarigen. Dat doen we met de Jas van Taal. We brengen kleintjes in aanraking met mooie woorden. Kinderen leren dagelijks méér taal gebruiken, en kennelijk is juist die vroege periode voor de taalbeleving van groot belang. Kennelijk: in onze workshops met ouderen grijpen deelnemers vaak terug op gedichten, liedjes, versjes die ze op zeer jonge leeftijd hebben geleerd. En als wij dan enkele ontbrekende woorden of strofes via google terugvinden is de blijdschap groot.

Veel sterker is dat effect als ouderen mentaal aangetast raken. Ik herinner me dat mijn moeder blij werd van het zingen van oude kinderliedjes toen ik haar verder op geen enkel andere manier meer kon bereiken. Dat is waardevol! En – een extra motivatie om juist hele jonge kinderen niet over te slaan bij poëzie-educatie.

Tot slot verwijs ik nog even naar het gedicht op de foto.